""
Verdieping

Procedures versnellen met slimmere werkwijzen

Waarom de planfase het verschil maakt

Van de 6 tot 10 jaar die een gemiddeld woningbouwproject nu nog kost, gaat verreweg het grootste deel op aan de fase vóór de eerste heipaal: het vormen van een gezamenlijke visie, het doorlopen van onderzoeken en procedures, en het organiseren van bestuurlijk en maatschappelijk draagvlak. Juist in die planfase liggen de grootste kansen om tijd te winnen. Het verkorten van de planfase krijgt daarom steeds meer aandacht. 

Ook provincies, marktpartijen en koepelorganisaties zoeken actief naar manieren om sneller tot een gedragen plan te komen. Het gevolg is een groeiend palet aan methoden en initiatieven, elk met een eigen invalshoek. Ook bij rijksbijdragen wordt inmiddels gekeken naar wat gemeenten doen om de planfase in te korten. Hieronder een greep daaruit — een uitputtende opsomming is dit niet.

Parallel plannen

Bij parallel plannen worden fasen die normaal na elkaar doorlopen worden, zoveel mogelijk gelijktijdig opgepakt. Dit vereist een andere manier van samenwerken: brede betrokkenheid van stakeholders vanaf het begin en constante deling van beschikbare informatie, in plaats van een gefaseerde overdracht tussen partijen. De aanpak rust op 5 principes:

  1. Deelprocessen zo vroeg mogelijk starten
  2. Kortcyclisch en geconcentreerd samenwerken, vergelijkbaar met scrum
  3. Continue informatie-uitwisseling tussen alle partijen
  4. Besluitvormingsprocessen versnellen door vooraf mandaat te organiseren
  5. Adaptief meebewegen met veranderende omstandigheden

In de praktijk vormt een Nota van Uitgangspunten het gezamenlijke mandaat en bewaakt een onafhankelijke procesbegeleider het tempo. In pilots is de planfase hiermee teruggebracht van 6 tot 10 jaar naar circa 2 jaar, met aanzienlijke capaciteitswinst voor alle partijen. De aanpak is tot nu toe het meest beproefd bij individuele projecten; bij bredere gebiedsontwikkelingen wordt nu ervaring opgedaan. Om vooraf te bepalen of een project zich leent voor deze werkwijze, wordt gewerkt met een checklist die de geschiktheid toetst.

De 100-dagenaanpak

Deze aanpak, ontstaan in Breda, draait om hetzelfde principe maar dan toegespitst op de allereerste fase: gemeente en marktpartijen laten op zichzelf staande, eerdere plannen los en ontwikkelen in circa 100 dagen gezamenlijk een gebiedsperspectief, via intensieve workshops, in plaats van een reeks opeenvolgende stappen. De methode stuurt op focus van alle betrokken partijen om binnen dat tijdsbestek te komen tot een voorlopig ontwerp stedenbouwkundig plan, een getekende anterieure overeenkomst, een haalbare businesscase en de start van een planologische procedure. 

Wat normaal zo'n 400 dagen kost, past zo in 100 dagen — met een door alle partijen gedragen resultaat. In Noord-Brabant is de aanpak doorontwikkeld: versnellingscoaches begeleiden meerdere trajecten tegelijk en bewaken onderling vertrouwen en tempo. Zo ondersteunt de aanpak de Brabantse ambitie om tot 2035 150.000 extra woningen te realiseren.

Versnellingskompas

Niet elk project is met dezelfde aanpak te versnellen. Het versnellingskompas helpt om eerst te diagnosticeren waar de vertraging vandaan komt — bijvoorbeeld een ontbrekende gezamenlijke koers, gebiedscomplexiteit, financiële onzekerheid of externe factoren zoals stikstof of netcongestie — voordat een versnellingsstrategie wordt gekozen. Soms blijkt dan dat niet meteen parallel plannen, maar eerst investeren in gedeelde visie en vertrouwen de sleutel is. Het instrument is vrij beschikbaar en helpt teams om niet blind een methode te kiezen, maar eerst goed te kijken naar de aard van de opgave.

Versnellen voorfase

Ook op andere manieren wordt gezocht naar versnelling van de voorfase. Zo bracht een onderzoek in opdracht van de Actieagenda Wonen en het ministerie van BZK in kaart welke knelpunten specifiek in de voorfase tot vertraging leiden, en welke 'gouden regels' daarbij helpen. En met uitnodigingsplanologie, zoals toegepast in Gelderland, nemen overheid, corporaties en ontwikkelaars vanaf het begin gezamenlijk verantwoordelijkheid binnen heldere kaders, in plaats van dat de overheid eerst een plan vaststelt waarop de markt reageert. Het speelveld van versnellingsmethoden blijft dan ook volop in ontwikkeling. Het Nationaal Expertisecentrum Woningbouw volgt deze ontwikkelingen en deelt de belangrijkste inzichten via het kennisportaal, zodat gemeenten er gebruik van kunnen maken bij hun eigen woningbouwopgave.

Decoratieve afbeelding. Fotograaf Alex Schröder

Meer over dit onderwerp